Europese Unie verlengt economische sancties tegen Rusland

Eind juni heeft de Europese Unie besloten om zonder veel discussie de economische sancties tegen Rusland met zes maanden te verlengen. Deze zouden op 31 juli aflopen en lopen nu door tot en met januari van het volgende jaar. Dit werd door de leiders van de 28 EU-landen eensgezind besloten op een samenkomst in Brussel. Enkel de nieuwe Italiaanse premier Guiseppe Conte had vooraf enig kritiek geuit op het laten doorlopen van de maatregelen, maar trok de bezwaren in Brussel weer in. Rusland ziet het verlengen van de sancties als een gemiste kans voor een constructieve herziening van het EU-buitenlandbeleid ten opzichte van het land.

De Europese Unie is niet blij dat de Krim zich bij Rusland heeft aangesloten en ook de vermeende steun van de Russische regering aan de opstandelingen in de oostelijke regio’s in Oekraïne valt niet goed. Dit laatste is in overtreding met het vredesplan van Minsk, maar dat is bijvoorbeeld ook de rol van de Oekraïense militairen die nog altijd de oostelijke gebieden bestoken. Overigens met wapens die men in de Verenigde Staten van Amerika heeft gekocht.

Deze economisch sancties en allerlei grove retoriek passen bij de onbegrijpelijke houding van de EU om Rusland verder van zich weg te duwen. Dit lijkt met name in reactie op de constante druk van uit de VSA, die om allerlei redenen veel baat hebben bij een verstoorde relatie tussen de EU en Rusland.

De door dit besluit verlengde economische sancties omvatten;

• Gelimiteerde toegang tot de primaire en secondaire EU-kapitaalmarkt voor de vijf belangrijkste Russische, financiële instituties in handen van de staat en dochtermaatschappijen in meerderheidseigendom buiten de EU, alsook de drie belangrijkste Russische energiebedrijven en drie defensiebedrijven;
• Het opleggen van een export- en importverbod op de handel in wapens;
• Vastleggen van een exportverbod op de ‘goederen voor dubbel gebruik’ voor militair gebruik of militaire eindgebruikers in Rusland;
• Russische toegang beperken tot een aantal gevoelige technologieën en diensten die voor de productie van en onderzoek naar olie kunnen worden gebruikt.

In aanvulling op deze economische sancties zijn er evenzo enkele EU-maatregelen als antwoord op de crisis in Oekraïne en deze omvatten;

• Beperkende maatregelen tegen individuen gericht, namelijk een inreisverbod en het bevriezen van de eigendommen, op het moment loopt dit tegen 155 personen en 38 rechtspersonen tot en met 15 september 2018;
• Beperkende maatregelen in antwoord op het aansluiten van de Krim en Sevastopol bij Rusland, tegen deze specifieke gebieden, lopen tot en met 23 juni 2019

BON verliest rechtszaak over verengelsing hoger onderwijs

De door vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON) aangespannen rechtszaak tegen Universiteit Maastricht en Universiteit Twente voor het aanbieden van een opleiding in de Engelse taal heeft deze week tot een uitspraak van de voorzieningsrechter geleid. Het ging in de rechtszaak om de opleiding Psychologie, maar de uitspraak moet uiteraard breder worden gezien. Volgens de rechter van de rechtbank Midden-Nederland is niet gebleken dat de universiteiten hiermee handelen in strijd met de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW). Dergelijke uitspraken leggen de verdere verengelsing van het hoger onderwijs geen strobreed meer in de weg. Echter het BON ziet in de inhoud van de uitspraak juist ook veel positieve signalen.

De WHW is de wet waarin staat dat onderwijs en examens in principe in het Nederlands moet worden afgenomen. Hier mag dus volgens de rechter van worden afgeweken als onderwijsinstellingen dit goed kunnen motiveren. De rechter doet geen inhoudelijk uitspraak over de wettigheid van de bewuste opleidingen, omdat er momenteel een onderzoek van de Onderwijsinspectie loopt.

Het BON ziet daar en vanwege inhoudelijke bemerkingen van de rechter grond voor een positieve reactie over de uitspraak. Men ziet als volgend;

– Toekomst om via de rechter handhaving van de wet af te dwingen.
– Dat artikel 1.3.5 en 7.2 van de Wet op het hoger onderwijs springlevend zijn
– Kansen via rapport Onderwijsinspectie
– Aanmoediging om middels aanknopingspunten wel goed duidelijk te maken waarom de bacheloropleiding Psychologie ook in het Nederlands kan worden gegeven.

De Onderwijsinspectie doet momenteel onderzoek naar de gedragscodes en de internationalisering van het hoger onderwijs en de naleving van de WHW. De uitkomsten van dit onderzoek zouden later dit jaar moeten verschijnen.

Tweegesprek over cultuurmarxisme; Coen de Jong en Paul Cliteur

Het is zonder twijfel dat de opkomst van het cultuurmarxisme en de vergiftiging van een steeds groter deel van de samenleving door deze ideologie verdere uitdieping behoeft. Inmiddels is er een boek over verschenen en deze wordt besproken door rechtsgeleerde en filosoof Paul Cliteur en journalist Coen de Jong. Cliteur is de schrijver van het bewuste boek. Daarnaast komt ook het boek ‘De moord op Spinoza’ aan bod. Beide boeken gaan over de aanval op het verlichtingserfgoed.

Er waart een spook door het Westen, niet dat van het communisme, maar van het cultuurmarxisme. Het communisme is dood, het cultuurmarxisme springlevend. Cultuurmarxisme is een term waarmee critici bepaalde onderdelen van de linkse politieke agenda aanduiden en afwijzen.

Het gesprek duurt iets meer dan een uur en is hieronder te bekijken;

Nederland ondersteunde met meer dan 25 miljoen euro oorlog en jihadisme in Syrië

Deze week kwamen er vanuit de regering dan toch antwoorden op het omstreden het steunprogramma van Nederland aan de Syrische gewapende oppositie. Verantwoordelijk minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken heeft op Kamervragen van CDA-Kamerleden Van Helvert en Omtzigt een aantal wel heel opvallende antwoorden gegeven, die grote vraagtekens zetten bij de Nederlandse rol in de wereld, terrorisme en soevereiniteit. Blok liet weten dat er tenten, uniformen, trainingen en 313 voertuigen zijn gegeven aan de gewapende oppositie in Syrië. Met de uitdrukkelijke vermelding dat het hier om gematigde oppositie gaat.

Er was dus een steunprogramma aan de Syrische gewapende oppositie, dat eind maart 2018 is afgelopen, met de naam NLA-programma (Non-Lethal Assistance) en dit heeft drie jaar geduurd. Kosten voor de Nederlandse belastingbetaler; meer dan 25 miljoen. Het had volgens de Nederlandse regering als doel om de gematigde oppositie te ondersteunen als alternatief voor de extremistische groeperingen en de Syrische regering. Maar in antwoord op de Kamervragen geeft minister Blok aan dat de specifieke groepen waarheen de middelen zijn gegaan geheim zijn en niet worden vrijgegeven.

Nu zijn er wel externe evaluaties uitgevoerd volgens de regering, de eerste van november 2016 tot en met januari 2017. De organisatie die de evaluatie heeft uitgevoerd heeft expliciet verzocht om niet publiek bekend te worden gemaakt in verband met veiligheid van de medewerkers. De Verenigde Staten van Amerika hebben voor Nederland het onderzoek gedaan naar welke groeperingen wel of niet gematigd zijn. Ze hebben in Syrië tenminste 70 groepen doorgelicht die in aanmerking kwamen voor steun. Van de door VSA aangewezen groepen heeft Nederland aan 22 groepen steun verleend.

Op vervolgvragen welke groepen dit nu precies zijn komt geen antwoord. Informatie over dit project, waaronder de overdrachtsbewijzen, is staatsgeheim, zo laat de minister weten. Nu het NLA-programma is beëindigd, heeft het Kabinet de auditdienst Rijk gevraagd onderzoek te doen. Het kabinet zal de uitkomsten van het onderzoek vertrouwelijk met de Kamer delen in het najaar van 2018.

Nochtans kunnen we op basis van de vele journalistieke artikels over Syrië en de talloze gelekte e-mails van vooraanstaande spelers wel vaststellen dat er nooit een goed onderscheid was te maken tussen wat de regering ziet als gematigde en extremistische opstandelingen. Met name de rol van de VSA is ook in dit conflict op zijn minst twijfelachtig te noemen. De kans dat onze spullen in handen van allerlei extremisten zijn gevallen is een logische gedachtegang, nu wel weten hoe dit conflict is verlopen en de talloze groeperingen in elkaar overlopen.

De overtuiging waarmee minister Blok beweert dat hier enkel goedaardige, democratische rebellen worden ondersteund is vooral een leuk verhaal voor het publiek, niet meer dan dat en is daarbij helemaal niet te controleren. Het past meer in een langlopend project van het op Nederlandse wijze ondersteunen van Amerikaanse buitenlandavonturen, inclusief het verhaal dat we dit doen voor goedwillende democraten en natuurlijk de mensenrechten.

Hoewel er dan nog twijfel zal bestaan of er niet spullen in handen van islamitische extremisten zijn gevallen, als een paal boven water blijft staan dat Nederland heeft deelgenomen aan een oorlogsconflict binnen een soevereine staat en zelfs de gewapende oppositie met hulpmiddelen heeft ondersteund.

Zuid-Afrika: volkerenmoord op blanken met voorbedachten rade

De Afrikaner burgerrechten-organisatie AfriForum, die je dienaar begin vorig jaar heeft vereerd met een erelidmaatschap, doet flink haar best om de wereldwijde omerta omtrent de verschrikkelijke plaasmoorde in Zuid-Afrika te doorbreken. De jongste poging daartoe is de uitgave van een boek waarvan de titel veel- om niet te schrijven alleszeggend is: Kill the Boer (Dood de Boer). Het boek is geschreven door de ondervoorzitter van AfriForum die, samen met voorzitter en befaamde advocaat Kallie Kriel, naar Amerika is gereisd om daar politici van verschillende gezindten in te lichten over de moordende aanslagen waaraan boeren in hun land haast wekelijks ten prooi vallen, niet zelden na barbaarse folteringen.

Bij de persvoorstelling van het boek, op donderdag 28 juni in het Transvaalse Centurion (vroeger Krugersdorp), eiste de burgerrechtenbeweging de oprichting van een onderzoekscommissie die enig licht zou kunnen werpen op motivering van en/of aanleiding tot die niet aflatende volkenmoord. Op een geluidsband liet Roets een kopstuk van een gevangenisbende horen die met grote stelligheid beweerde dat de politieke leider Julius Malema hen in de bajes was komen opzoeken om over plaasmoorde te praten. Ernst Roets zelf sprak het publiek over zijn eigen ervaring met een veroordeelde plaasmoordenaar die hem wist te vertellen dat een lid van de militaire vleugel van het regerende ANC, het reeds jaren beruchte uMkhonto we Sizwe (de Speer van de Natie) hem gevorderd had om de boer te vermoorden. Daar moet niet luchtig overheen worden gegaan, zei de schrijver, maar die getuigenissen moeten ernstig onderzocht worden.

Die getuigenissen waren overigens al in het TV-actualiteitsprogramma Carte Blanche te horen in maart 2017, maar toen verklaarde de woordvoerder van de EFF (Economic Freedom Fighters) dat voorzitter Malema “geen tijd had voor commentaar” en dus werd de kwestie maar blauwblauw gelaten. In zijn boek is Ernst Roets allesbehalve regeringsvriendelijk. Integendeel, hij noemt de ANC-regering ronduit medeplichtig aan de plaasmoorde. Zijn boude beschuldiging staaft hij met ettelijke voorbeelden van politieke aanhitsing tot plaasmoorde. Daarnaast heeft hij het ook over boerderijmoorden waar politieke of racistische motieven duidelijk een rol in gespeeld hebben.

Al wil AfriForum zeker niet veralgemenen dat alle moorden op blanke boeren politiek gemotiveerd zijn, de organisatie vreest wel dat het politieke element ferm onderbelicht blijft. Nauwkeurig onderzoek van vijf gevallen van haatspraak door vooraanstaande politieke leiders heeft aan het licht gebracht dat de eerste maanden na hun opruiende uitlatingen, de plaasmoorde met een gemiddelde van liefst 74,8% waren toegenomen. De wreedaardige werkelijkheid van de aanvallen op boerderijen, valt in het boek te lezen, verergert en wordt aangevuurd door de moedwillige weigering van de regering om de moorden als prioritair te erkennen, door de negatieve stereotypering van blanke boeren, door romantisering van op boeren gepleegd geweld, door bestendiging van haat vanop politieke platforms en door openlijke verachting en bespotting van de slachtoffers van voornoemd geweld.

Het boek haalt gevallen aan van leden van het regerende ANC, de Zuid-Afrikaanse regering en de Zuid-Afrikaanse politiedienst (SAPD), die direct betrokken waren bij beplanning en uitvoering van aanvallen op boerderijen en ziet een proces van etnische zuivering opdoemen, een ernstige bedreiging die te allen prijze voorkomen moet worden. Dat zou een opdracht kunnen zijn voor de media, maar Roets toont in zijn boek aan dat die media, door hun duidelijk partijdige verslaggeving, daar juist medeplichtig aan zijn. Zij doen aardig hun duit in het zakje van de bezwaddering en negatieve stereotypering van de blanke boeren.

Roets somt een waslijst aan redenen op waarom de plaasaanvalle uniek zijn en bijgevolg als prioriteitsmisdaad aangepakt moeten worden, allereerst wegens hun unieke frequentie, maar niet minder om de afgrijselijke martelingen waar de moorden geregeld gepaard gaan en ten slotte om de onschatbare rol die de boeren in Zuid-Afrika spelen als voeders van de massa en de unieke omstandigheden waarin zij zich gedwongen weten.  Gedwongen met voorbedachten rade? …

Hector van Oevelen

N.S. Voor belangstellende verenigingen geef ik lezingen: Zuid-Afrika, volkenmoord waar het Westen niks van hoort.

Voetbal: rode of gele kaart voor maken kruisteken op het veld?

Voetbal, zowat het belangrijkste onbelangrijkste in onze samenleving, beleeft tegenwoordig hoogdagen. Men kan geen radio of televisie opzetten, of het is prijs.  We leven nu eenmaal in een tijdperk waar men niets nog tot zijn ware proporties kan herleiden. Het begint op hysterie te lijken.

We willen de voetballiefhebbers geruststellen, we hebben niets tegen voetbal op zich. Ook wij kunnen van een goede wedstrijd genieten. Maar we hebben wel problemen met de structuren en de dubbele agenda’s die er mee gepaard gaan.

In dit artificieel land wordt er gesjot voor vorst, voor vrijheid en voor recht. In andere landen voor Allah en de Koran. Zo kreeg de FIFA een verzoek uit Saoedi-Arabië.  Het land, waar vrouwen sinds enkele dagen met de wagen mogen rijden – dank u Allah – vraagt aan de FIFA om kruistekens en christelijke symbolen van de voetbalvelden te bannen (lees verbieden).  U kent ze wel de spelers, die een kruisteken slaan en ten hemel kijken,  wanneer ze op het veld komen of een doelpunt maken.  Wel dat stoort de heren in witte gewaden met gouddraden.  Volgens een zekere Mohammad Al Arefe, religieuze baas bij de oliesjeiks en haatbaarden van Saoedi-Arabië, zijn die christelijke uitingen en symbolen beledigend voor de moslims en de islam.

Het zou ons niet verwonderen dat de corrupte FIFA wel eens op dat verzoek (eis) zou kunnen ingaan. Denk maar aan de toewijzing van het WK 2022 aan de schurkenstaat Qatar. De toewijzing zou er gekomen zijn door de tussenkomst van Nicolas Sarkozy, de gewezen president van Frankrijk, die wel in meer duistere zaken opduikt.  Als zelfs Sepp Blatter, geschorst op beschuldiging van corruptie, vertelt dat Sarkozy Michel Platini opdroeg om voor Qatar te stemmen, dan vermoeden we het ergste. Simpele zielen als we zijn, kunnen we niet eens inschatten wat daarvoor als compensatie onder tafel werd doorgeschoven.

Normaliter worden WK’s in de zomermaanden gespeeld, maar voor Qatar maakte men een uitzondering, wegens de extreme hitte. Een normaal mens voelt aan dat daar iets niet klopt. Het WK in Qatar wordt meteen ook het eerste WK in de winter ooit.  Men ziet de islaminvloeden met de dag meer vat krijgen op onze samenleving.

In het verleden konden we al zien hoe Real Madrid het kruis uit het embleem van de club verwijderde, om Arabische investeerders te paaien, en hoe Bayern München een moskee in de Allianz Arena liet bouwen op vraag van ‘Bilal Youssouf Mohamed’, beter gekend als Franck Ribery, de man die meerdere malen in opspraak kwam voor seks met minderjarige hoertjes.  Maar met dat laatste heeft de islam, noch de FIFA, blijkbaar problemen.

Nu wil die woestijnideologie alle christelijke symbolen laten verbieden. Men kan ze zelfs geen ongelijk geven, wetende dat de kniebuigende vazallen in Europa vaak op hun eisen ingaan.

Komt er straks een gele (of rode) kaart voor wie een kruisje maakt? Niet uitgesloten. Het zou wel eens als een vorm van racisme kunnen beschouwd worden.

 

Volledige rekening onrust Geldermalsen over AZC in 2015 naar één inwoner

In december 2015 ontspoorde een demonstratie tegen de plaatsing van een asielzoekerscentrum (AZC) in Geldermalsen, een dorp in Gelderland. Het bestuur had geen interesse in de opvattingen van haar inwoners en wilde snel geld binnenhalen door 1200 vermeende vluchtelingen opvang te bieden. Vervolgens gingen de inwoners de straat op en werd massaal politie en de mobiele eenheid ingezet om de eigen bevolking in toom te houden. Dit ontspoorde uiteraard en nu krijgt één persoon de eindafrekening op zijn bord; 24.493 euro.

Op de bewuste avond verzamelden honderden woedende inwoners zich aan de poorten van het gemeentehuis. Daar was een propagandavoorstelling aan de gang over zielige asielzoekers en de goedwillende gemeente. De bevolking kreeg geen enkele mogelijkheid aangeboden om enige kritiek of zelfs maar aanvulling te geven over de plotselinge plannen van het gemeentebestuur om 1200 asielzoekers in hun midden te plaatsen.

De ware achtergrond voor het ‘humanitaire’ gebaar was dat de gemeente Geldermalsen een enorm begrotingstekort had. Een landelijke trend, veel gemeenten besloten met de opname van een groeiende groep asielzoekers een extra zakcentje te verdienen door grond te verkopen, daar te gaan bouwen en de volledige rekening van de landelijke overheid vergoed te krijgen.

Hoewel de woede dus goed te begrijpen was wil de gemeente alle kosten van de betreffende avond volledig op haar inwoners verhalen. In dit geval één persoon die voor alle kosten moet gaan opdraaien, men legt een schadeclaim neer van een kleine 25.000 euro. Inmiddels is een donatieactie opgestart om deze persoon te ondersteunen. Mocht u meer over deze echte humanitaire actie willen weten volg dan deze verwijzing.

« Oudere berichten Recent Entries »