De beelden van demonstratie voor vrijlating Tommy Robinson in Londen

Duizenden patriotten zijn op zaterdag 14 juli naar het hart van Londen gekomen voor een demonstratie om daar de vrijlating van Tommy Robinson te eisen. De activist is opgesloten omdat hij de politieke klasse blijft bekritiseren over de gevolgen van immigratie en islamisering voor de bevolking. Er waren talloze sprekers op de twee uur durende bijeenkomst, waaronder Filip Dewinter en Geert Wilders middels een videoboodschap. Er werd ‘Free Tommy’ en ‘Tommy, Tommy Robinson’ geroepen en er waren talloze vlaggen te bewonderen.

Linkse onderzoeksrechters nemen gelden van Rassemblement National (ex-FN) in beslag.

In Frankrijk bestaat zoiets als een syndicaat van linkse (en extreemlinkse) magistraten. Dat clubje, ‘Le Syndicat de la magistrature’ (afgekort SM, sic), werd opgericht in de nasleep van mei 1968. De stichters van het syndicaat, Daniel Lecrubier et Pierre Lyon-Caen, beschreven zichzelf als ‘judéo-christiano-marxiste’. Velen onder hen hebben dezelfde ‘oorsprong’ en zijn tevens lid van één of ander vrijmetselaarsloge. Vaak betogen ze mee met hun vrienden van de Liga voor de Mensenrechten, SOS-Racisme, de Mrax, de Mrap, de syndicaten CGT en CDFT, de FSU en tutti quanti.

Een zekere Clémant Schouler, prominent lid van de club en substituut in Versailles, gaf in 2001 een boek uit met de titel: ‘Vos papiers! Que faire face à la police’? (‘Uw papieren! Hoe zich opstellen bij een politiecontrole?’). Het boek – op de kaft werd een politieagent als een varken afgebeeld – was een zogenaamde aanklacht tegen ‘ongeoorloofde en arbitraire’ politiecontroles. Daarop dienden een honderdtal politiemensen klacht in tegen de auteur van die vernederende schrijfsels (zie ook React februari 2017).

Gisteren besliste een prominent lid van dat ‘syndicaat’, een Parijse onderzoeksrechter, samen met een compagnon de route, bezwarend beslag te leggen op de inkomsten van het RN van Marine Le Pen. Hoe ziek moet een land wel zijn om de grootste oppositiepartij op zo’n manier trachten het zwijgen op te leggen?

Waar gaat het over? Met de geldende partijfinanciering trekt het RN jaarlijks 4,5 miljoen euro van de Franse staat. Deze bedragen worden voornamelijk bepaald door het aantal kiezers. De sommen die de partijen ontvangen zijn noodzakelijk voor de goede werking (steun van bedrijven is verboden). Met 6 maanden vertraging – alles is goed om een tegenstrever te nekken – zou de partij vandaag een voorschot van 2 miljoen euro (werkjaar 2018) ontvangen, broodnodig om de huur van de zetel en de salarissen te betalen.

Maar de twee gauchistische magistraten beslisten anders en lieten beslag leggen op de tegoeden. Ze beschuldigen het RN ervan om medewerkers die door de EU vergoed worden, elders te hebben laten werken. Dat gebeurt sinds jaren, bij alle partijen. Maar deze worden uiteraard ongemoeid gelaten.

Het dossier tegen het RN is een leeg dossier dat al drie jaar aansleept en zich nog steeds in een fase van onderzoek bevindt. Er werden nog geen vonnissen of arresten geveld. Bovendien werd de zaak aanhangig gemaakt door OLAF, de politieke politie van Juncker en C°.

Beroep tegen de beslissing van de Parijse onderzoeksrechters is mogelijk en zal ook gebeuren. Dit beroep is echter niet opschortend. Het kan dus jaren duren vooraleer deze bedragen worden vrijgegeven.

Indien er niet snel een oplossing wordt gevonden, dreigt de partij de boeken te moeten sluiten. Een natte droom voor het failliete regime van Zonnekoning Macron. De partij opende een solidariteitspagina: alertedemocratie.fr

Europese Unie verlengt economische sancties tegen Rusland

Eind juni heeft de Europese Unie besloten om zonder veel discussie de economische sancties tegen Rusland met zes maanden te verlengen. Deze zouden op 31 juli aflopen en lopen nu door tot en met januari van het volgende jaar. Dit werd door de leiders van de 28 EU-landen eensgezind besloten op een samenkomst in Brussel. Enkel de nieuwe Italiaanse premier Guiseppe Conte had vooraf enig kritiek geuit op het laten doorlopen van de maatregelen, maar trok de bezwaren in Brussel weer in. Rusland ziet het verlengen van de sancties als een gemiste kans voor een constructieve herziening van het EU-buitenlandbeleid ten opzichte van het land.

De Europese Unie is niet blij dat de Krim zich bij Rusland heeft aangesloten en ook de vermeende steun van de Russische regering aan de opstandelingen in de oostelijke regio’s in Oekraïne valt niet goed. Dit laatste is in overtreding met het vredesplan van Minsk, maar dat is bijvoorbeeld ook de rol van de Oekraïense militairen die nog altijd de oostelijke gebieden bestoken. Overigens met wapens die men in de Verenigde Staten van Amerika heeft gekocht.

Deze economisch sancties en allerlei grove retoriek passen bij de onbegrijpelijke houding van de EU om Rusland verder van zich weg te duwen. Dit lijkt met name in reactie op de constante druk van uit de VSA, die om allerlei redenen veel baat hebben bij een verstoorde relatie tussen de EU en Rusland.

De door dit besluit verlengde economische sancties omvatten;

• Gelimiteerde toegang tot de primaire en secondaire EU-kapitaalmarkt voor de vijf belangrijkste Russische, financiële instituties in handen van de staat en dochtermaatschappijen in meerderheidseigendom buiten de EU, alsook de drie belangrijkste Russische energiebedrijven en drie defensiebedrijven;
• Het opleggen van een export- en importverbod op de handel in wapens;
• Vastleggen van een exportverbod op de ‘goederen voor dubbel gebruik’ voor militair gebruik of militaire eindgebruikers in Rusland;
• Russische toegang beperken tot een aantal gevoelige technologieën en diensten die voor de productie van en onderzoek naar olie kunnen worden gebruikt.

In aanvulling op deze economische sancties zijn er evenzo enkele EU-maatregelen als antwoord op de crisis in Oekraïne en deze omvatten;

• Beperkende maatregelen tegen individuen gericht, namelijk een inreisverbod en het bevriezen van de eigendommen, op het moment loopt dit tegen 155 personen en 38 rechtspersonen tot en met 15 september 2018;
• Beperkende maatregelen in antwoord op het aansluiten van de Krim en Sevastopol bij Rusland, tegen deze specifieke gebieden, lopen tot en met 23 juni 2019

BON verliest rechtszaak over verengelsing hoger onderwijs

De door vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON) aangespannen rechtszaak tegen Universiteit Maastricht en Universiteit Twente voor het aanbieden van een opleiding in de Engelse taal heeft deze week tot een uitspraak van de voorzieningsrechter geleid. Het ging in de rechtszaak om de opleiding Psychologie, maar de uitspraak moet uiteraard breder worden gezien. Volgens de rechter van de rechtbank Midden-Nederland is niet gebleken dat de universiteiten hiermee handelen in strijd met de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW). Dergelijke uitspraken leggen de verdere verengelsing van het hoger onderwijs geen strobreed meer in de weg. Echter het BON ziet in de inhoud van de uitspraak juist ook veel positieve signalen.

De WHW is de wet waarin staat dat onderwijs en examens in principe in het Nederlands moet worden afgenomen. Hier mag dus volgens de rechter van worden afgeweken als onderwijsinstellingen dit goed kunnen motiveren. De rechter doet geen inhoudelijk uitspraak over de wettigheid van de bewuste opleidingen, omdat er momenteel een onderzoek van de Onderwijsinspectie loopt.

Het BON ziet daar en vanwege inhoudelijke bemerkingen van de rechter grond voor een positieve reactie over de uitspraak. Men ziet als volgend;

– Toekomst om via de rechter handhaving van de wet af te dwingen.
– Dat artikel 1.3.5 en 7.2 van de Wet op het hoger onderwijs springlevend zijn
– Kansen via rapport Onderwijsinspectie
– Aanmoediging om middels aanknopingspunten wel goed duidelijk te maken waarom de bacheloropleiding Psychologie ook in het Nederlands kan worden gegeven.

De Onderwijsinspectie doet momenteel onderzoek naar de gedragscodes en de internationalisering van het hoger onderwijs en de naleving van de WHW. De uitkomsten van dit onderzoek zouden later dit jaar moeten verschijnen.

Tweegesprek over cultuurmarxisme; Coen de Jong en Paul Cliteur

Het is zonder twijfel dat de opkomst van het cultuurmarxisme en de vergiftiging van een steeds groter deel van de samenleving door deze ideologie verdere uitdieping behoeft. Inmiddels is er een boek over verschenen en deze wordt besproken door rechtsgeleerde en filosoof Paul Cliteur en journalist Coen de Jong. Cliteur is de schrijver van het bewuste boek. Daarnaast komt ook het boek ‘De moord op Spinoza’ aan bod. Beide boeken gaan over de aanval op het verlichtingserfgoed.

Er waart een spook door het Westen, niet dat van het communisme, maar van het cultuurmarxisme. Het communisme is dood, het cultuurmarxisme springlevend. Cultuurmarxisme is een term waarmee critici bepaalde onderdelen van de linkse politieke agenda aanduiden en afwijzen.

Het gesprek duurt iets meer dan een uur en is hieronder te bekijken;

Nederland ondersteunde met meer dan 25 miljoen euro oorlog en jihadisme in Syrië

Deze week kwamen er vanuit de regering dan toch antwoorden op het omstreden het steunprogramma van Nederland aan de Syrische gewapende oppositie. Verantwoordelijk minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken heeft op Kamervragen van CDA-Kamerleden Van Helvert en Omtzigt een aantal wel heel opvallende antwoorden gegeven, die grote vraagtekens zetten bij de Nederlandse rol in de wereld, terrorisme en soevereiniteit. Blok liet weten dat er tenten, uniformen, trainingen en 313 voertuigen zijn gegeven aan de gewapende oppositie in Syrië. Met de uitdrukkelijke vermelding dat het hier om gematigde oppositie gaat.

Er was dus een steunprogramma aan de Syrische gewapende oppositie, dat eind maart 2018 is afgelopen, met de naam NLA-programma (Non-Lethal Assistance) en dit heeft drie jaar geduurd. Kosten voor de Nederlandse belastingbetaler; meer dan 25 miljoen. Het had volgens de Nederlandse regering als doel om de gematigde oppositie te ondersteunen als alternatief voor de extremistische groeperingen en de Syrische regering. Maar in antwoord op de Kamervragen geeft minister Blok aan dat de specifieke groepen waarheen de middelen zijn gegaan geheim zijn en niet worden vrijgegeven.

Nu zijn er wel externe evaluaties uitgevoerd volgens de regering, de eerste van november 2016 tot en met januari 2017. De organisatie die de evaluatie heeft uitgevoerd heeft expliciet verzocht om niet publiek bekend te worden gemaakt in verband met veiligheid van de medewerkers. De Verenigde Staten van Amerika hebben voor Nederland het onderzoek gedaan naar welke groeperingen wel of niet gematigd zijn. Ze hebben in Syrië tenminste 70 groepen doorgelicht die in aanmerking kwamen voor steun. Van de door VSA aangewezen groepen heeft Nederland aan 22 groepen steun verleend.

Op vervolgvragen welke groepen dit nu precies zijn komt geen antwoord. Informatie over dit project, waaronder de overdrachtsbewijzen, is staatsgeheim, zo laat de minister weten. Nu het NLA-programma is beëindigd, heeft het Kabinet de auditdienst Rijk gevraagd onderzoek te doen. Het kabinet zal de uitkomsten van het onderzoek vertrouwelijk met de Kamer delen in het najaar van 2018.

Nochtans kunnen we op basis van de vele journalistieke artikels over Syrië en de talloze gelekte e-mails van vooraanstaande spelers wel vaststellen dat er nooit een goed onderscheid was te maken tussen wat de regering ziet als gematigde en extremistische opstandelingen. Met name de rol van de VSA is ook in dit conflict op zijn minst twijfelachtig te noemen. De kans dat onze spullen in handen van allerlei extremisten zijn gevallen is een logische gedachtegang, nu wel weten hoe dit conflict is verlopen en de talloze groeperingen in elkaar overlopen.

De overtuiging waarmee minister Blok beweert dat hier enkel goedaardige, democratische rebellen worden ondersteund is vooral een leuk verhaal voor het publiek, niet meer dan dat en is daarbij helemaal niet te controleren. Het past meer in een langlopend project van het op Nederlandse wijze ondersteunen van Amerikaanse buitenlandavonturen, inclusief het verhaal dat we dit doen voor goedwillende democraten en natuurlijk de mensenrechten.

Hoewel er dan nog twijfel zal bestaan of er niet spullen in handen van islamitische extremisten zijn gevallen, als een paal boven water blijft staan dat Nederland heeft deelgenomen aan een oorlogsconflict binnen een soevereine staat en zelfs de gewapende oppositie met hulpmiddelen heeft ondersteund.

Zuid-Afrika: volkerenmoord op blanken met voorbedachten rade

De Afrikaner burgerrechten-organisatie AfriForum, die je dienaar begin vorig jaar heeft vereerd met een erelidmaatschap, doet flink haar best om de wereldwijde omerta omtrent de verschrikkelijke plaasmoorde in Zuid-Afrika te doorbreken. De jongste poging daartoe is de uitgave van een boek waarvan de titel veel- om niet te schrijven alleszeggend is: Kill the Boer (Dood de Boer). Het boek is geschreven door de ondervoorzitter van AfriForum die, samen met voorzitter en befaamde advocaat Kallie Kriel, naar Amerika is gereisd om daar politici van verschillende gezindten in te lichten over de moordende aanslagen waaraan boeren in hun land haast wekelijks ten prooi vallen, niet zelden na barbaarse folteringen.

Bij de persvoorstelling van het boek, op donderdag 28 juni in het Transvaalse Centurion (vroeger Krugersdorp), eiste de burgerrechtenbeweging de oprichting van een onderzoekscommissie die enig licht zou kunnen werpen op motivering van en/of aanleiding tot die niet aflatende volkenmoord. Op een geluidsband liet Roets een kopstuk van een gevangenisbende horen die met grote stelligheid beweerde dat de politieke leider Julius Malema hen in de bajes was komen opzoeken om over plaasmoorde te praten. Ernst Roets zelf sprak het publiek over zijn eigen ervaring met een veroordeelde plaasmoordenaar die hem wist te vertellen dat een lid van de militaire vleugel van het regerende ANC, het reeds jaren beruchte uMkhonto we Sizwe (de Speer van de Natie) hem gevorderd had om de boer te vermoorden. Daar moet niet luchtig overheen worden gegaan, zei de schrijver, maar die getuigenissen moeten ernstig onderzocht worden.

Die getuigenissen waren overigens al in het TV-actualiteitsprogramma Carte Blanche te horen in maart 2017, maar toen verklaarde de woordvoerder van de EFF (Economic Freedom Fighters) dat voorzitter Malema “geen tijd had voor commentaar” en dus werd de kwestie maar blauwblauw gelaten. In zijn boek is Ernst Roets allesbehalve regeringsvriendelijk. Integendeel, hij noemt de ANC-regering ronduit medeplichtig aan de plaasmoorde. Zijn boude beschuldiging staaft hij met ettelijke voorbeelden van politieke aanhitsing tot plaasmoorde. Daarnaast heeft hij het ook over boerderijmoorden waar politieke of racistische motieven duidelijk een rol in gespeeld hebben.

Al wil AfriForum zeker niet veralgemenen dat alle moorden op blanke boeren politiek gemotiveerd zijn, de organisatie vreest wel dat het politieke element ferm onderbelicht blijft. Nauwkeurig onderzoek van vijf gevallen van haatspraak door vooraanstaande politieke leiders heeft aan het licht gebracht dat de eerste maanden na hun opruiende uitlatingen, de plaasmoorde met een gemiddelde van liefst 74,8% waren toegenomen. De wreedaardige werkelijkheid van de aanvallen op boerderijen, valt in het boek te lezen, verergert en wordt aangevuurd door de moedwillige weigering van de regering om de moorden als prioritair te erkennen, door de negatieve stereotypering van blanke boeren, door romantisering van op boeren gepleegd geweld, door bestendiging van haat vanop politieke platforms en door openlijke verachting en bespotting van de slachtoffers van voornoemd geweld.

Het boek haalt gevallen aan van leden van het regerende ANC, de Zuid-Afrikaanse regering en de Zuid-Afrikaanse politiedienst (SAPD), die direct betrokken waren bij beplanning en uitvoering van aanvallen op boerderijen en ziet een proces van etnische zuivering opdoemen, een ernstige bedreiging die te allen prijze voorkomen moet worden. Dat zou een opdracht kunnen zijn voor de media, maar Roets toont in zijn boek aan dat die media, door hun duidelijk partijdige verslaggeving, daar juist medeplichtig aan zijn. Zij doen aardig hun duit in het zakje van de bezwaddering en negatieve stereotypering van de blanke boeren.

Roets somt een waslijst aan redenen op waarom de plaasaanvalle uniek zijn en bijgevolg als prioriteitsmisdaad aangepakt moeten worden, allereerst wegens hun unieke frequentie, maar niet minder om de afgrijselijke martelingen waar de moorden geregeld gepaard gaan en ten slotte om de onschatbare rol die de boeren in Zuid-Afrika spelen als voeders van de massa en de unieke omstandigheden waarin zij zich gedwongen weten.  Gedwongen met voorbedachten rade? …

Hector van Oevelen

N.S. Voor belangstellende verenigingen geef ik lezingen: Zuid-Afrika, volkenmoord waar het Westen niks van hoort.

« Oudere berichten